Visiestuk coronacrisis: Solidair op weg naar een duurzame toekomst

Het coronavirus en de druk die dit legde op met name de IC-zorg, dwong tot ingrijpende maatregelen. De economie kwam tot stilstand en we bleven massaal thuis. Andere zorg werd gestopt of uitgesteld, scholen gingen dicht, sociale netwerken vielen weg. Dit heeft enorme gevolgen: voor het welzijn van mensen, voor hun inkomen en gezondheid, voor banen, bedrijven, zzp’ers, voor de samenleving als geheel. Na de eerste fase van ongekende beperkingen, kunnen langzaam maar zeker de luiken weer open. We kunnen weer langzaam vooruitkijken en nadenken over hoe we de samenleving weer kunnen opbouwen. Voor GroenLinks gaat het beheersbaar houden van het virus hand in hand met solidariteit en het bouwen aan een duurzame toekomst.

Solidariteit

Wat de coronacrisis ons leert, is wat we eigenlijk al wisten: we staan er samen voor. Alles draait nu om samenwerking en zorg voor elkaar. Voor de gezondheid van ons als individuen, maar ook voor de gezondheid van onze stad. En voor een duurzame toekomst voor onze kinderen en kleinkinderen. Afgelopen periode zagen we veel solidariteit in de stad. Mooie initiatieven popten op in alle Utrechtse wijken. Studenten gingen digitaal taallessen geven aan vluchtelingen, bewoners kochten bewust bij lokale kleine ondernemers, wijkcultuurhuizen deelden sport- en cultuurtassen uit aan kwetsbare gezinnen, jongeren brachten voedselpakketten rond in Overvecht, horecaondernemers bezorgden maaltijden bij zorgpersoneel, voetballers hielpen bij de voedselbank. En ga zo maar door. De solidariteit in onze stad was groot. Samen lieten we zien dat de coronacrisis Utrechters er niet onder krijgt.

Tegelijkertijd zien we dat de crisis mensen die toch al in een kwetsbare positie zitten, het hardst raakt. Daklozen kunnen vaak niet meer terecht bij vrienden of kennissen, voor mensen met psychische problemen is de hulp opgeschort, de dagbesteding voor bijvoorbeeld ouderen met dementie is gesloten, mantelzorgers raken overbelast, mensen met onzekere oproep- en uitzendcontracten verliezen als eerste hun baan en kinderen met onderwijsachterstanden raken nog verder achterop. Het is daarom zaak in de uitweg uit de crisis de solidariteit vast te houden en samen na te denken over hoe we de uitdagingen die nu op ons afkomen willen aanpakken.

Eerlijke verdeling publieke ruimte

Door de lockdown vielen veel dagelijkse activiteiten weg: school, sport, cultuur, afspraken met vrienden, uitgaan en fietsen of treinen naar je werk. Mensen zaten alleen tussen hun vier muren of juist voortdurend bovenop elkaars lip. De behoefte om buiten te zijn en te bewegen, nam daardoor toe, zeker in combinatie met het mooie weer. Mensen genieten van groene ommetjes in hun eigen buurt. En de publieke ruimte wordt steeds meer de huiskamer van de stad: om op je stoep de krant te lezen, op een bankje een boterham te eten of in het park je yogaoefeningen te doen. Ook hier zagen we de afgelopen weken dat dit over het algemeen prima gaat en mensen rekening houden met elkaar. Zeker nu er buiten weer steeds meer mag, is het belangrijk om de publieke ruimte eerlijk samen te blijven verdelen. Zodat er voor alle mensen en hun dagelijkse activiteiten ruimte is en blijft.

Duurzame toekomst

De coronacrisis had ook positieve bijeffecten. Noodgedwongen lieten werd er minder autogereden en nam ook het vliegverkeer af. Dit zorgde voor minder luchtvervuiling en lawaai. Veel mensen met longklachten haalden letterlijk opgelucht adem. De lucht boven Utrecht was in jaren niet zo blauw. En als je dan ook nog weet dat door Covid-19 het aantal mensen met longproblemen toeneemt en dat het virus harder lijkt toe te slaan in gebieden waar de luchtvervuiling hoog is, is er alle reden om te zorgen dat de lucht in de stad schoner blijft. En als je je realiseert dat anders na de coronacrisis de klimaatcrisis voor de deur staat, is er alle reden bij de wederopbouw te kiezen voor een groene, duurzame weg uit de crisis.

Wat wil GroenLinks op korte termijn

GroenLinks vindt het belangrijk dat we een tweede golf IC-opnames door Covid-19 voorkomen. Volksgezondheid en veiligheid wegen daarom zwaar mee in onze afwegingen. Bij de inzet van de gemeente staan voor ons solidariteit, een eerlijke verdeling van de publieke ruimte en duurzaamheid centraal.

Solidariteit en zorg voor elkaar

Sociale afstand is belangrijk om besmettingen tegen te gaan, maar persoonlijk contact en zorg voor elkaar zijn een eerste levensbehoefte. Het is fijn als normale activiteiten, als het veilig kan, weer opgepakt kunnen worden. GroenLinks vindt dat we vooral moeten inzetten op zorg en aandacht voor mensen die dit het meest nodig hebben. Ouderen, kinderen die achterop geraakt zijn door het onderwijs op afstand, mensen met psychische problemen.

Deze coronacrisis dreigt de verschillen en kansenongelijkheid in de samenleving te vergroten. We zien dat in de zorg, het onderwijs, het verlies van werk, het ontstaan van armoede en schulden, dak- en thuislozen, de culturele sector, etc. In de tijdelijkheid zijn hier door het college een aantal maatregelen voor genomen. GroenLinks wil dat het college zich ervoor inzet om verschillen te verkleinen. De gemeente moet hiervoor een financiële bijdragen leveren en tegelijkertijd zorgvuldig kijken naar wat kan en wat het belangrijkst is. Concreet wil GroenLinks:

  • Het zo snel en zo volledig mogelijk weer opstarten van dagbesteding, GGZ, verslavingszorg, hulp bij het huishouden, welzijnswerk, jongerenwerk en jeugdhulpverlening en activiteiten voor vluchtelingen, met inachtneming van de richtlijnen van het RIVM. Om oplopende wachtlijsten, verergering van problemen en vereenzaming te voorkomen, moet hier prioriteit aan gegeven worden en moeten eventuele knelpunten (bijvoorbeeld met testcapaciteit of persoonlijke beschermingsmiddelen voor zorgmedewerkers) snel worden gemeld en opgelost. Als organisaties extra ruimte nodig hebben (bijvoorbeeld om 1,5 meter afstand te kunnen houden), moet het gemeentelijk vastgoedbedrijf (UVO) hierbij ondersteunen;
  • De gemeente moet niet-commerciële initiatieven van bewoners, maatschappelijke organisaties en zzp’ers mogelijk maken om elkaar te ondersteunen. Regelingen als het initiatievenfonds en projectsubsidie cultuur moeten ruimharig en laagdrempelig zijn. De gemeente moet gesubsidieerde organisaties die eerder afgesproken activiteiten in coronatijd anders invullen daarvoor financieel niet straffen.
  • Het aantal mensen dat een beroep doet op de bijstand, zal toenemen. Informatie over toeslagen en regelingen (wat is er nu voor wie) is best lastig te vinden. GroenLinks wil dat die informatie verbetert. Ook de mogelijkheid om een uitkering of voorschot aan te vragen vanwege ‘broodnood’ moet duidelijker worden gecommuniceerd. Verder blijft het uitgangspunt werken vanuit vertrouwen, bijvoorbeeld ook bij aanvragen bijzondere bijstand.
  • Ook het aantal mensen in armoede en schulden zal toenemen. Geef daarom bekendheid aan de gratis leeromgeving ‘stap uit je schulden’, maar biedt weer fysieke dienstverlening aan voor wie dat nodig heeft, zo mogelijk in de eigen buurt (want openbaar vervoer en fiets zijn juist nu niet voor iedereen een optie).
  • Veel ondernemers hebben het zwaar. Horecaondernemers, maar ook winkels, culturele instellingen en tal van andere ondernemers en zzp’ers in de stad. Er zijn zowel landelijk als lokaal regelingen om hen financieel te ondersteunen. GroenLinks beseft heel goed dat dit niet voor iedereen voldoende zal zijn en dat deze coronacrisis economisch nog lang zal nadreunen. Ook het praktisch vormgeven van anderhalvemeter maatregelen is niet altijd eenvoudig en sommige normale regels zijn nu te strikt. Waar initiatieven vanuit ondernemers en zzp’ers ondersteund kunnen worden door soepelheid in regels en regelingen en door actief mee te denken, moet het college dat wat GroenLinks betreft vooral doen.
  • Bij de TOZO-regeling voor zzp’ers moet meer duidelijkheid komen over de voorwaarden. Doordat de regeling niet volledig helder was, hebben sommige mensen een groter voorschot gehad dan waar ze recht op hebben. GroenLinks dringt aan op coulance bij terugvordering en het voorkomen van boetes en extra invorderingskosten.
  • In wijken als Kanaleneiland en Overvecht blijft 25% van de leerlingen thuis. Laat scholen, sociaal makelaars en leerplicht samenwerken om te kijken wat hiervan de oorzaken zijn en wat ervoor nodig is om deze kinderen te helpen en te motiveren om weer naar school te gaan. Organiseer in de zomer activiteiten zoals de zomerschool om ervoor te zorgen dat juist deze kinderen niet nog verder achterop raken;
  • Het virus veroorzaakt schade aan de longen, wat uiteindelijk ook voor een mindere mobiliteit en andere problemen kan zorgen. De GGDrU heeft gegevens over wie er met corona in het ziekenhuis heeft gelegen. Benader deze groep actief om te controleren of er blijvende gezondheidsproblemen zijn en of er andere zorg nodig is;
  • Bestendig de tijdelijke voorzieningen die zijn opgetuigd voor dak- en thuislozen in elk geval de komende twee jaar, in verband met mogelijk terugkerende uitbraakgolven.
  • De coronacrisis heeft vooral vrouwen hard geraakt. Zij werken veel in vitale functies als zorg en onderwijs, thuisopvang van kinderen en mantelzorg. Aandacht is nodig voor extra risico’s voor huiselijk geweld en overbelasting.
  • Jongeren worden minder ernstig ziek van corona en hebben zich overwegend goed aan de beperkende maatregelen gehouden. Laten we vooral de creativiteit van jongeren benutten om een solidaire en duurzame stad vorm te geven.

Eerlijke verdeling publieke ruimte

De druk op de publieke ruimte neemt toe. Binnensport en culturele activiteiten zoeken plekken in de buitenruimte. En ook mensen zelf zoeken buitenshuis ruimte om te ontspannen en te recreëren. We zien nu al een toenemende druk op fiets- en wandelpaden, parken en pleinen. Nu een toegenomen aantal mensen niet buiten de stad op vakantie kan, zal de behoefte om buiten te verblijven nog groter worden. Winkels hebben ruimte op straat nodig zodat mensen veilig kunnen wachten om naar binnen te gaan. En ook de horeca is op zoek naar meer ruimte voor terrassen.

GroenLinks vindt dat de gemeente een regulerende rol heeft in het verdelen van de schaarse publieke ruimte, waarbij extra aandacht moet zijn voor mensen in kwetsbare posities of groepen die minder hoorbaar of zichtbaar zijn. Er moet ruimte zijn voor zo veel mogelijk activiteiten en daarbij moeten belangen zorgvuldig worden afgewogen. Het motto van Utrecht in deze tijd is zorg goed voor elkaar. Dat betekent dat als je extra ruimte wilt, je ook rekening moet houden met de belangen van anderen:  mensen met een beperking, verkeersdeelnemers, buurtbewoners, medegebruikers. Concreet betekent dit:

  • Mensen moeten veilig en gezond van A naar B kunnen blijven bewegen. Dus voorrang voor voetganger en fiets en toegankelijke routes en ruimte voor mensen met een beperking. Mensen die op de fiets komen, moeten deze ook ergens kwijt kunnen. Ook voor fietsparkeren en pop-up-fietsenstallingen blijft dus ruimte beschikbaar. En voor wie niet in staat is te lopen of te fietsen, moet er toegankelijk OV blijven rijden;
  • Het lukt fietsers en voetgangers niet altijd om veilige afstand tot elkaar te bewaren.  Daarom wil GroenLinks hen meer ruimte geven door:
    • Uitbreiding voetgangersgebied in de binnenstad;
    • Opheffen autoparkeerplaatsen en beperken autoverkeer;
    • Snelheidsbeperking voor auto’s en fietsers;
    • Tijdelijk verbannen van snorfietsen naar de rijbaan;
  • Het vervoer van onder meer ouderen naar dagbesteding en van kinderen naar speciaal onderwijs vraagt extra inspanningen. Combinatieritten in de Regiotaxi zijn minder mogelijk. Daarom moeten we buurtinitiatieven extra steunen en eventueel eigen materieel van de gemeente inzetten.
  • Juist mensen met een krappe beurs zijn vaker afhankelijk van het OV. De kosten van mondkapjes zijn een extra drempel. GroenLinks wil dat mensen met een U-pas gratis mondkapjes kunnen krijgen.
  • Voor verblijf in de openbare ruimte moet er allereerst aandacht zijn voor mensen die thuis geen of onvoldoende buitenruimte hebben om te zitten, spelen of sporten. De openbare ruimte als ‘huiskamer’ van de stad. Er moeten daarom voldoende bankjes, picknickplekken, grasveldjes zijn waar mensen doorlopend en gratis terecht kunnen;
  • Omdat veel Utrechters de zomervakantie in eigen stad zullen doorbrengen, wil GroenLinks dat het concept ‘leefstraat’ extra onder de aandacht wordt gebracht. Ook buurtcampings, gratis toegankelijke buurtfestivals, speelruimte voor kinderen, sporten in de openbare ruimte en recreatie in en om de stad verdienen een extra impuls. De afgelopen periode is er mooie samenwerking kan ontstaan tussen mensen uit verschillende sectoren, sport, cultuur, maatschappelijke ondersteuning, jongerenwerk. Juist dat soort initiatieven moeten ook de zomer in Utrecht aantrekkelijk maken. GroenLinks wil dat de gemeente flexibel omgaat met diverse regelingen zoals initiatievenfonds, en cultuur- projectsubsidies om dit soort gezamenlijke activiteiten mogelijk te maken. Juist makers, kleinere spelers en de jongerencultuurhuizen en wijkcultuurhuizen moeten hierin een actieve rol krijgen;

Wat wil GroenLinks voor de toekomst

Vanuit deze crisis kunnen we belangrijke stappen zetten naar een solidaire samenleving en een gezonde en duurzame stad voor iedereen.

Deze crisis heeft ons geleerd dat de overheid, de zorg en de publieke sector van levensbelang zijn. En dat mensen die het toch al lastig hebben (mensen met onzekere arbeidscontracten, gezondheidsproblemen, mensen met een laag inkomen of schulden, kleine zelfstandigen in de cultuursector en daarbuiten, kinderen met leerachterstanden) in een crisis de eerste en de zwaarste klappen krijgen. Des te meer reden om bij het weer opbouwen van de samenleving publieke voorzieningen meer aandacht te geven en ongelijkheid verder terug te dringen.

We hebben ontdekt hoe belangrijk de publieke ruimte als huiskamer van de stad is. En hoe goed het is om die ruimte ook te koesteren en voor iedereen toegankelijk te houden. Voorrang voor voetganger en fiets en een groene openbare ruimte die uitnodigt tot ontmoeting, is niet alleen nu belangrijk, maar ook in de toekomst in de verdichte stad een prioriteit. En de werkelijkheid van nu geeft aan dat als we meer bouwen in de stad, we direct rondom de stad meer ruimte moeten maken voor recreatie en ontspanning.

Vooral door het thuiswerken is de afgelopen periode de automobiliteit afgenomen, zeker in de spits. Dat was ook te merken aan 10 tot 20 % minder luchtverontreiniging en geluidsoverlast. We hebben ervaren wat het met ons doet, als de ‘stadsruis wegvalt’ Gemiddeld was het 50% stiller, een verlaagde geluidsbelasting van 3 decibel. Dat lijkt weinig, maar betekent veel. Ineens horen we vogels, het ruisen van beekjes, het carillon. En merken we hoe goed die natuurlijke geluiden ons doen. Een verademing! GroenLinks wil stimuleren dat organisaties en mensen ook in de toekomst mobiliteitskeuzes maken die passen bij gezond en duurzaam stedelijk leven. En we willen blijven investeren in een ambitieus duurzaamheidsbeleid. Door corona hebben we gemerkt hoe afhankelijkheid we zijn van complexe wereldwijde productieketens en fossiele mobiliteit. Reden om extra in te, zetten op circulaire economie, duurzame energie, lokale productie. Veel mensen denken extra na over bewuste duurzame keuzes. Niet dé economie moet weer op gang komen, maar een andere, solidaire, duurzame economie, geen economische groei maar brede welvaart.