Opnieuw schriftelijke vragen 'bijverdienen in de bijstand via Flextensie'

GroenLinks blijft zich zorgen maken over een contructie waarmee bijstandsgerechtigden via het bedrijf Flextensie vacatures vervullen. Heleen de Boer, fractievoorzitter van GroenLinks in de Utrectse gemeenteraad stelde hier eerder schriftelijke vragen over. De fracties van GroenLinks en de PvdA willen weten of het werk dat gedaan wordt via Flextensie het werk van regulieren krachten niet verdringt.

Heleen de Boer
Heleen de Boer

In Trouw van 12 juli lazen de fracties van GroenLinks en de PvdA het volgende bericht:

Hoorn wil stoppen met bemiddelaar Flextensie

De gemeenteraad van Hoorn dringt er in overgrote meerderheid op aan te stoppen met de samenwerking tussen sociaal werkbedrijf Werksaam Westfriesland en het bedrijf Flextensie dat uitkeringsgerechtigden verhuurt voor rond de 12 euro per uur. Die werkwijze lijkt te veel op een uitzendbureauconstructie, vindt de raad. Ze acht de constructie omstreden omdat de uitkeringsgerechtigden er financieel weinig mee opschieten en het lijkt of er verdringing optreedt. Bij de Action in Zwaag, nabij Hoorn, werken 24 medewerkers via Flextensie. Wethouder Judith de Jong gaat er bij de zes andere gemeenten in de regio op aandringen het contract met Flextensie te beëindigen.

Naar aanleiding hiervan en op grond van opgevraagde achterliggende stukken, hebben de fracties van GroenLinks en de PvdA - als vervolg op de eerdere SV – de volgende vragen:

1. In de overeenkomst tussen gemeente Utrecht en Flextensie staat dat het contract afloopt op 1 oktober 2017 en dat uiterlijk begin augustus een evaluatie plaatsvindt en een gesprek over eventuele verlenging van het contract. Heeft die evaluatie inmiddels plaatsgevonden? Wat waren daarvan de conclusies? Is het college bereid de evaluatie naar de raad te sturen?

2. Als antwoord op eerdere schriftelijke vragen (SV 2016/170) heeft het college aangegeven dat bij de dienstverlening via Flextensie geen sprake is van verdringing van reguliere (uitzend)arbeid. Echter, in de samenwerkingsovereenkomst tussen Flextensie en afdeling de gemeente lezen we (punt 4.6) dat het Werkgevers Service Punt (WSP) tijdelijk opdrachten die door werkgevers bij hen wordt aangemeld, ter invulling neerlegt bij Flextensie. Dit terwijl naar het idee van GroenLinks en de PvdA werkgevers het werk aanmelden als ‘echt’ werk, dus met normale loonbetaling (en gezagsverhouding). Hoe valt dit te rijmen met de opvatting dat er geen verdringing plaatsvindt?

3. In Hoorn zijn bijvoorbeeld mensen via Flextensie uitgeplaatst naar de Action. Is bekend bij welke werkgevers in Utrecht mensen via Flextensie aan het werk zijn gegaan? Als er geen mensen via Flextensie waren aangeleverd, hoe waren deze (tijdelijke) vacatures naar het oordeel van de gemeente dan ingevuld?

4. In antwoord op SV 2016/170 gaf het college aan dat Flextensie bedoeld is voor mensen uit arrangement 3, om werkervaring op te doen. Echter, in de samenwerkingsovereenkomst met de gemeente staat dat 15% van de deelnemers uit arrangement 1 komt. In arrangement 1 zitten mensen die in beginsel zo aan het werk kunnen. Waarom worden deze mensen dan toch via Flextensie aan het werk gezet?

5. In de samenwerkingsovereenkomst staat dat per maand 25 mensen in de pool van Flextensie worden gezet. Over een heel jaar (oktober 2016 t/m september 2017) dus 300 personen. Als er na 4 maanden door hen geen opdracht is gedaan, worden ze weer uit de pool gegooid. Hoeveel personen zijn tot nu toe in de pool van Flextensie geplaatst? Hoeveel van hen zijn daadwerkelijk via de constructie aan het werk gegaan, hoeveel zijn uitgeplaatst naar regulier werk en hoeveel hebben zonder aan het werk te zijn geweest de pool weer verlaten? En hoe was bij al deze aantallen de verdeling tussen mensen uit arrangement 3 en mensen uit arrangement 1?

6. Volgens de ‘werkafspraken’ tussen Flextensie en W&I is plaatsing via Flextensie een van de ‘opvolgingsinstrumenten’ na een werkervaringsplaats (WEP). Hebben alle kandidaten die geplaatst zijn inderdaad eerst een werkervaringsplaats gehad? Waarom is na het afronden daarvan opnieuw een instrument gericht op ontwikkeling ‘werknemersvaardigheden’ en arbeidsritme nodig? Hoe lang wordt hiermee voor de kandidaten de totale termijn van werken zonder loon?

7. In de afspraken staat dat deelname aan Flextensie op vrijwillige basis is. Hoe werkt de aanmeldingsprocedure? Wordt met spontane aanmeldingen het aantal afgesproken plekken wel gehaald? Zo nee, moet de gemeente dan toch voor niet ingevulde plekken betalen? Zijn er mensen die een waarschuwing of korting op hun uitkering hebben gehad (maatregel) omdat ze niet (meer) aan het Flextensietraject wilden meewerken?

8. In een memo van Flextensie van 27-9-2016 berekent Flextensie dat de gemeente door de constructie met Flextensie een ‘positief resultaat’ behaalt van 89.000 euro per jaar, waar na aftrek van personele kosten 36.500 euro van overblijft. Dit is zonder effecten van verwachte uitstroom (dat zou volgens de memo het resultaat doen toenemen tot 132.000 euro over een jaar). Hoe hoog zijn tot nu toe de werkelijke opbrengsten voor de gemeente geweest van deze constructie, voor en na aftrek van personele kosten? Is hiermee dit instrument niet vooral een verdienmodel voor de gemeente (en Flextensie) in plaats van een zinvol re-integratie-instrument?

9. Is er al een onomkeerbaar besluit genomen over het al dan niet na 1 oktober 2017 verlengen van de overeenkomst met Flextensie? Zo nee, is de wethouder dan bereid contact op te nemen met zijn collega De Jong in Hoorn om van haar de precieze overwegingen te vernemen om van verdere samenwerking af te zien en om de raad te informeren over de uitkomsten hiervan?