Voor je verder leest, ik ben even met zwangerschapsverlof en wordt waargenomen door onze geweldig nieuwe vicevoorzitter Leyla. 

Ik ben Hilde, 38 en woon nu ongeveer 3,5 jaar in Utrecht. Mijn band met Utrecht gaat echter al 20 jaar terug via vrienden die hier gingen studeren en met wie natuurlijk in Utrecht gestapt moest worden, de stage voor mijn Master Conflictstudies en later werk bij een ontwikkelingsorganisatie (Niet-Gouvernementele Organisatie – ngo- in vaktermen). Opgegroeid in Havana aan de Waal (Nijmegen) ervaar ik Utrecht als een warm bad: groen, gezellig en sociaal. 

Ik begon als bestuurslid Campagne waarbij ik 3 campagnes gecoördineerd heb en veel events heb mogen helpen organiseren. De overstap naar voorzitter was voor mij een logische. Als voorzitter heb je zo mogelijk nóg meer contact met andere leden, actievelingen en met sympathisanten. Je bent veel bezig met het verbinden van mensen en met ze (nog meer) betrekken bij GroenLinks: dat vind ik leuk, én belangrijk. De leden en actieve GroenLinksers zijn waar het om draait in onze afdeling. Die hebben dan ook een belangrijke plek in ons meerjarenplan. Centraal dit jaar staat natuurlijk het opstellen van de kandidatenlijst voor de gemeenteraadsverkiezingen in 2022. Met de hulp van onze scouts en kandidatencommissie reken ik op een lijst die laat zien hoeveel diversiteit Utrecht in huis heeft met mensen die zich in willen zetten voor een sociaal en groen stadsie. 

Na lange tijd in de NGO-wereld gewerkt te hebben, o.a. in Mexico, werk ik nu bij Binnenlandse Zaken. Daar mag ik dagelijks burgers helpen die problemen hebben met hun persoonsgegevens. Een leuke baan, waarin ik gelukkig nog steeds mensen kan helpen. Ik vind het belangrijk om je in te zetten voor de mensen om je heen. Dat doe ik ook als reservist voor de Nationale Reserve van de Landmacht. Soms komt de vraag: Defensie en GroenLinks? Natuurlijk! De wereld is niet zwart-wit en ik zit niet graag in een bubbel. Met ‘de ander’ het gesprek aangaan en ontdekken dat je allemaal een mooiere wereld nastreeft, dat vind ik tof.